Het kapittel (1443-1600).

In december 1443 werd de Batenburgse parochiekerk verheven tot kapittelkerk. Horssen en Maasbommel werden kerkelijk bij Batenburg ingelijfd. Het kapittel bestond uit zes kanunniken onder leiding van een deken. Halverwege de 16e eeuw koos een deel van de kapittelheren voor de reformatie. Het kwam in 1569 tot ingrijpen door de bisschop die de afvallige priesters wegstuurde, het kapittel reorganiseerde en Batenburg tot dekenaat verhief. Met de bezetting van Batenburg door de protestante republiek in 1600 kwam er definitief een eind aan deze periode.

Vanaf de oprichting van het kapittel kwam de opbrengst van de “priestergoederen” in Horssen en Maasbommel ten goede van het kapittel in Batenburg en waren de pastoors van Horssen en Maasbommel Batenburgse kanunniken. Het recht om de kanunniken uit te kiezen was voorbehouden aan de heer van Batenburg. Het kerkgebouw, op de plaats van de huidige protestante Sint Victorkerk, bereikte in die tijd zijn grootste omvang met, naast het hoofdaltaar, vier zijaltaren toegewijd aan Maria, Maria Magdalena, Catharina  en aan Gregorius (Sint Joris) en Laurentius.

Xanten kerk
De kapittelkerk van Xanten, toegewijd aan Sint Victor.

De deken en de kanunniken waren voor hun inkomsten grotendeels afhankelijk van bezittingen en privileges die ze van de machtige kasteelheren hadden gekregen. De verhouding tussen de heren en het kapittel verzuurde echter mettertijd. Het kwam zelfs halverwege de 16e eeuw tot processen waarin de deken zich bij de bisschop van Keulen en bij het Hof van Gelre beklaagde over het optreden van hun heer Herman van Bronckhorst. Hij zou een van de kanunniken in de gevangenis hebben gegooid, gronden van het kapittel hebben verduisterd en de kerkdiensten hebben verstoord. Ook zou hij zijn onderdanen onredelijke schatting hebben opgelegd waardoor de kanunniken zich gedwongen hadden gevoeld de partij van de boeren te kiezen. De heer van Batenburg op zijn beurt stelde in de processtukken dat de priesters van het kapittel een slecht leven leidden en zich onvoldoende van hun taken kweten.

De in die tijd opkomende reformatie heeft ongetwijfeld een belangrijke rol gespeeld in de verslechterde Batenburgse verhoudingen. Het verlangen naar religieuze vernieuwing, de weerzin tegen kerkelijke misstanden en het verzet tegen feodale verhoudingen vormden in deze periode ook in onze regio een explosief mengsel. De vier zonen van Herman (die allen een gewelddadige dood stierven in de strijd tegen de Spanjaarden) waren de reformatie toegedaan. In de kerk van Batenburg werden in 1566 de beelden van de sokkels getrokken en de Batenburgse kapittelkerk was een van de kerkgebouwen van ons land waarin de nieuwe leer openlijk verkondigd werd. Niet alle kanunniken waren het daarmee eens en dit moet in het kapittel tot grote onenigheid hebben geleid. Het kwam in 1569 tot ingrijpen door de bisschop van Roermond, waaronder Batenburg toen ressorteerde. Het kapittel werd gereorganiseerd, de “afvallige” kanunniken werden weggestuurd en Batenburg werd tot dekenaat verheven.

Maurits tijdens de slag bij Nieuwpoort in 1600.

Betekenis heeft dit dekenaat van Batenburg (1569-1600) niet gehad. In de decennia na de oprichting ervan gingen het kasteel, de vijf eeuwen oude kerk en nagenoeg het hele stadje ten onder in de eerste helft van de tachtigjarige oorlog. Batenburg wisselde een paar maal van bezetter en was korte tijd zelfs door oorlogsgeweld onbewoonbaar. Bij de definitieve bezetting door de Staatsen in opdracht van Maurits in 1600 vluchtten de laatste kanunniken en ging hun archief verloren. Toen het stof van de oorlog was neergedaald keerden de mensen echter terug en bouwden hun stad en hun kasteel weer op, zij het onder nieuwe verhoudingen. De bewoners van Batenburg waren in grote meerderheid het oude geloof trouw gebleven. Toch werd bij de aanvang van het Twaalfjarig Bestand in 1609 de oude kerk aan de hervormden gegeven. De katholieken moesten het daarna twee eeuwen lang zonder een eigen kerk en pastoor stellen. Zie daarvoor het volgende hoofdstuk.

Bronnen:
Oorkonde over de oprichting van het kapittel in 1443, uit het archief van het bisdom Keulen. Vertaling uit het Latijn door Kees Versteegh, bewerking Janus Kolen, Batenburg, 2015. Gepubliceerd in “Tweestromenland”, no. 165, sept. 2015.
Het kapittel van Sint Victor te Batenburg, 1443-1600, Het kapittel van begin tot eind, met personenoverzicht, Janus Kolen, Gepubliceerd in “Tweestromenland” no. 166, dec. 2015.
Rebelse Jonkers, over de “kinderen van Batenburg” Dirk en Gijsbert van Bronckhorst-Batenburg en hun rol bij de opstand tegen Spanje en de verspreiding van de reformatie in 1568. Gepubliceerd in “Tweestromenland” no. 176, juni 2018.
Batenburg, Eeuwenlang Twistappel, H. van Heiningen, Uitgeverij de Kleijn, Wijchen, 1987.
Katern 4, Onder de Rijksappel en de Kromstaf, Stichting Frits Bloemen, Wijchen, 2007.

Janus Kolen, herzien juni 2018.